Binnen Lean Six Sigma zijn er twee situaties: je verbetert een bestaand proces, of je ontwerpt iets nieuws. Voor dat tweede is er Design for Six Sigma, een aanpak waarmee je nieuwe processen, producten en diensten vanaf het begin goed neerzet.
Op deze pagina lees je wat Design for Six Sigma is en wanneer je het inzet. Je ziet wat het verschil is tussen DMADV en DMEDI, hoe beide methodieken werken en hoe ze zich verhouden tot DMAIC. Design for Six Sigma is een breed onderwerp. Daar waar nodig, linken we naar dat onderwerp.
Design for Six Sigma, ook wel afgekort als DFSS, is een aanpak binnen Six Sigma waarmee je nieuwe processen, producten of diensten ontwerpt die vanaf het begin voldoen aan hoge kwaliteitseisen. Waar DMAIC wordt ingezet om bestaande processen te verbeteren, gebruik je DFSS wanneer er nog niets bestaat of wanneer een bestaand proces zo slecht presteert dat verbeteren niet meer zinvol is.
Het uitgangspunt is eenvoudig: fouten voorkomen is beter dan fouten oplossen. Door kwaliteit in het ontwerp te bouwen in plaats van achteraf te controleren, bespaar je tijd, geld en frustratie.
Design for Six Sigma kent geen één vaste methodiek. De twee meest gebruikte varianten zijn DMADV en DMEDI. Ze lijken op elkaar maar hebben een andere nadruk.
DMADV staat voor Define, Measure, Analyze, Design en Verify. De aanpak is sterk data-gedreven en sluit nauw aan op de statistische werkwijze van Six Sigma. DMADV wordt vaak ingezet in productieomgevingen waar veel meetdata beschikbaar is.
DMEDI staat voor Define, Measure, Explore, Develop en Implement. Deze variant legt meer nadruk op het verkennen van oplossingen en het ontwikkelen van concepten. DMEDI wordt vaak toegepast in dienstverlenende omgevingen of bij complexe procesontwerpen waar minder harde meetdata beschikbaar is.
In de praktijk worden de twee termen regelmatig door elkaar gebruikt. Het gaat uiteindelijk om hetzelfde doel: een nieuw proces of product ontwerpen dat vanaf de start aan de kwaliteitseisen voldoet.
Je kiest voor Design for Six Sigma wanneer er geen bestaand proces is om te verbeteren, wanneer een bestaand proces zo slecht presteert dat opnieuw ontwerpen meer oplevert dan verbeteren, of wanneer je een nieuw product, dienst of service wilt lanceren. Ook wanneer klantbehoeften fundamenteel veranderd zijn en het huidige ontwerp niet meer past, is DFSS de aangewezen weg.
Heb je een bestaand proces dat beter kan? Dan is DMAIC de juiste keuze. Is er niets of moet je opnieuw beginnen? Dan is DMADV of DMEDI de aangewezen weg.
DMADV volgt vijf fasen die elk een duidelijke bijdrage leveren aan het ontwerp van een nieuw proces of product.
Je beschrijft wat je wilt ontwerpen, voor wie en waarom. Je stelt een projectcharter op, bepaalt de scope en brengt de klantvraag in kaart via Voice of the Customer. Je identificeert stakeholders en bepaalt de eerste Critical to Quality eisen (CTQ’s).
Je vertaalt klantbehoeften naar meetbare CTQ’s. Je benchmarkt concurrenten en bepaalt welke prestatienormen het ontwerp moet halen. Hiermee ontstaat een duidelijk vertrekpunt voor het ontwerpproces.
Je analyseert verschillende ontwerpopties en beoordeelt welke het beste aansluit op de CTQ’s. Je onderzoekt risico’s en haalbaarheid voordat je een definitieve ontwerpkeuze maakt.
Het gekozen concept wordt uitgewerkt tot een gedetailleerd ontwerp. Je voert een FMEA uit om potentiële fouten in het ontwerp op te sporen en aan te pakken voordat het proces live gaat.
Je test en valideert het ontwerp in de praktijk. Werkt het zoals bedoeld? Voldoet het aan de CTQ’s? Pas na een succesvolle verificatie wordt het ontwerp volledig uitgerold.
DMEDI volgt vijf fasen die elk een duidelijke bijdrage leveren aan het ontwerp van een nieuw proces, product of dienst.
De basis voor het project wordt gelegd. Je brengt de business opportunity scherp in beeld, bepaalt de projectscope en stelt een projectcharter op. De klantbehoefte wordt vertaald naar eerste Critical Customer Requirements (CCR’s) via Voice of the Customer. Je identificeert stakeholders en maakt een meer-generatieplan om toekomstige ontwikkelingen mee te nemen in het ontwerp.
Je verdiept je in wat klanten echt belangrijk vinden. Klantbehoeften worden verzameld via interviews, surveys, benchmarking en marktonderzoek en vertaald naar meetbare CCR’s. De QFD-methode en het House of Quality helpen om klantbehoeften te structureren en te koppelen aan ontwerpeisen. Je stelt ook sigma targets vast: welk prestatieniveau moet het nieuwe proces of product halen?
Dit is de creatieve fase. Je ontwikkelt meerdere ontwerpconcepten met behulp van creativiteitstechnieken, benchmarking en TRIZ. Met een Pugh-matrix beoordeel je de concepten naast elkaar en selecteer je het concept dat het beste aansluit op de CCR’s. Het gekozen concept wordt uitgewerkt naar een high-level design.
Het gekozen concept wordt uitgewerkt tot een gedetailleerd ontwerp. Je ontwerpt processen, systemen, IT, mensen en faciliteiten. FMEA helpt om risico’s vroeg te identificeren. DOE (Design of Experiments) wordt ingezet om optimale instellingen te bepalen en een robuust ontwerp te ontwikkelen. Ook Lean-principes komen hier terug — denk aan One Piece Flow, Pull-systemen, Takt Time en Poka-Yoke — om verspilling te elimineren en het ontwerp schaalbaar te maken.
Het ontwerp wordt getest via een pilot en gevalideerd op basis van de CCR’s. Werkt het in de praktijk? Voldoet het aan de klanteisen? Na een succesvolle validatie volgt opschaling. Je maakt overdrachtsplannen zodat de proceseigenaar het beheer kan overnemen, inclusief documentatie, training en procescontrole. Lessen uit het project worden vastgelegd voor toekomstige ontwerpen.
Het belangrijkste verschil zit in het vertrekpunt. DMAIC start met een bestaand proces dat niet goed genoeg presteert. Je analyseert de oorzaken, verbetert en borgt. DMADV en DMEDI starten met een blanco vel — er is geen proces om te analyseren, je ontwerpt het van scratch.
Een tweede verschil is de focus. DMAIC richt zich op het wegnemen van oorzaken van variatie en fouten. DMADV en DMEDI richten zich op het inbouwen van kwaliteit in het ontwerp zodat die fouten nooit ontstaan.
In de praktijk worden beide aanpakken soms gecombineerd. Een DMAIC-project kan uitwijzen dat een proces zo fundamenteel tekortschiet dat een nieuw ontwerp via DMADV de enige zinvolle stap is. Meer over DMAIC lees je in het artikel over de DMAIC-methode.
Design for Six Sigma geeft organisaties een gestructureerde aanpak om nieuwe processen en producten te ontwerpen die vanaf het begin aan hoge kwaliteitseisen voldoen. DMADV en DMEDI zijn de twee meest gebruikte methodieken, elk met een eigen nadruk maar hetzelfde doel: kwaliteit inbouwen in plaats van achteraf repareren.
De keuze tussen DMADV, DMEDI en DMAIC hangt af van de situatie. Verbeter je iets bestaands? Kies DMAIC. Ontwerp je iets nieuws? Kies DMADV of DMEDI.
Design for Six Sigma helpt organisaties om processen, producten en diensten vanaf het begin slimmer en stabieler te ontwerpen. In plaats van achteraf fouten op te lossen, richt DFSS zich op het voorkomen van variatie en problemen tijdens het ontwerp.
Wil je weten hoe Design for Six Sigma binnen jouw organisatie kan worden toegepast? Neem gerust contact met ons op voor meer informatie of advies.