First Pass Yield en First Time Yield meten hoeveel output in één keer goed is en maken verspilling en proceskwaliteit zichtbaar binnen Lean.
Veel processen lijken goed te draaien, maar bevatten verborgen herstelwerk. Daardoor ontstaat een vertekend beeld van kwaliteit en prestaties. First Pass Yield en First Time Yield maken dit zichtbaar. Ze laten zien hoeveel output direct goed is en waar verspilling zit. Door deze metingen te gebruiken krijg je inzicht in fouten, herbewerkingen en verbeterkansen. Zo stuur je beter op kwaliteit, flow en een stabiel proces.
In veel processen lijkt alles goed te gaan, maar in werkelijkheid is er vaak herstelwerk nodig. Denk aan fouten corrigeren, opnieuw uitvoeren of extra controles. Dit kost tijd, capaciteit en geld.
First Pass Yield en First Time Yield maken zichtbaar hoeveel output direct goed is. Daarmee zie je waar fouten ontstaan en hoeveel verborgen verspilling er in je proces zit.
Hoe hoger de score, hoe beter je proces in één keer goed presteert en hoe minder verspilling ontstaat.
First Time Yield, vaak afgekort als FTY, meet hoeveel producten of transacties in één keer zonder defecten door een proces gaan.
Het kijkt alleen naar het eindresultaat. Producten die direct voldoen aan de specificaties tellen mee als goed. Herstelwerk wordt niet meegenomen in de berekening.
Een FTY van 90 procent betekent dat 90 procent van de output in één keer correct is geproduceerd.
First Pass Yield, vaak afgekort als FPY, meet hoeveel producten het proces doorlopen zonder dat er herbewerking nodig is.
In tegenstelling tot FTY houdt FPY wel rekening met herstelwerk. Producten die eerst fout gaan en later worden hersteld tellen niet mee als goed.
Hierdoor geeft FPY een realistischer beeld van de effectiviteit van het proces.
Het verschil zit in hoe er wordt omgegaan met herstelwerk.
FTY kijkt alleen naar het eindresultaat
FPY kijkt naar wat in één keer goed gaat zonder herstel
Daardoor ligt FPY vaak lager dan FTY en geeft het een beter beeld van verspilling in het proces.
De formule voor First Pass Yield is:
![]()
Je kunt dit ook als percentage weergeven door de uitkomst te vermenigvuldigen met 100.
De formule voor First Time Yield is:
![]()
Deze meting kijkt alleen naar het eindresultaat en houdt geen rekening met herstelwerk.
Stel dat er 1000 eenheden een proces ingaan. Aan het einde voldoen 990 eenheden aan de specificaties. Van deze 990 zijn er 20 die eerst herwerkt moesten worden.
De berekening wordt dan:
![]()
![]()
Je ziet dat FTY hoger ligt, omdat herstelwerk niet wordt meegenomen. FPY laat beter zien hoeveel verspilling en herstelwerk er in het proces zit.
First Pass Yield wordt vaak gebruikt in combinatie met Rolled Throughput Yield. Deze maat kijkt naar de kans dat een product door alle processtappen gaat zonder fouten of herstel.
Door FPY per processtap te combineren krijg je inzicht in de totale prestatie en zie je waar fouten zich opstapelen.
First Time Yield laat zien hoeveel output uiteindelijk goed is, maar geeft geen inzicht in herstelwerk. First Pass Yield laat zien hoeveel direct goed gaat zonder correctie en maakt verborgen verspilling zichtbaar.
Daardoor geeft FPY een realistischer beeld van procesprestaties en kwaliteit. Het laat zien waar fouten ontstaan en hoeveel capaciteit verloren gaat aan herbewerkingen.
Door FPY te gebruiken stuur je beter op flow, kwaliteit en procesverbetering. In combinatie met Rolled Throughput Yield krijg je inzicht in de prestaties over het hele proces en zie je waar de grootste verbeterkansen liggen.
Wil je zelf processen analyseren en verbeteren met Lean technieken? Leer hoe je verspilling herkent, fouten reduceert en stuurt op kwaliteit en flow.
Bekijk de online Lean Black Belt training en ontdek hoe je First Pass Yield, First Time Yield en andere methoden direct toepast in je eigen processen.